Portugal, land van Porto bruist, bikkelt en bottelt, de klok een uur vooruit en veel meer

Klik op de foto’s en de afbeeldingen worden vergroot

7 juni Orbitur Camping Rio Alto, Póvoa de Varzim.
Gisteren op deze camping gearriveerd. Te vroeg volgens de leiding
en dat gaf enige wrijving tijdens de HH is de lucht weer geklaard en kunnen we nog lekker in de zon zitten. Ja, wat moet je schrijven over deze donderdag. Dat het regende, veel regende. We nemen niet eens de moeite om de tafel en stoelen buiten te zetten. De ene bui na de ander daalt op ons neer. We zien wel of we later nog naar Barcelos, bekend van de legende over de Haan van Barcelos, gaan of lekker bij het kacheltje blijven cocoonen.

8 juni Porto is awesome, beroemd om de Port, bruist, bikkelt en bottelt.
Vandaag gaan we de 2e stad van Portugal  een bezoek brengen. Vroeg uit de veren. Na een tijdje rijden, maar ook in de file staan zitten we om 09.30 uur aan de koffie in een mooi park. Het beloofd een mooie dag te worden, het zonnetje doet in ieder geval zijn best. In het park staat een mooi gebouw uit de art nouveau-tijd: een openbaar toilet. Bijna elke bus stopt hier om even te kijken naar de

mooie tegels – het urinoir voor de mannen (met 6 tegelijk plassen kost niets) en de toiletten voor de vrouwen (20 ct). 1 toilet is nog helemaal origineel net als 100 jaar geleden maar daar mogen we niet op gaan zitten. Foto maken achter glas dus maar. Eerst zien we een prachtige moderne brug over de Douro (één van de 6 bruggen) gebouwd in 1963  met een overspanning van 270 meter. We zien de toren (Torre dos Clerigos) het visitekaartje van Porto. Tijd voor de kathedraal, deze staat op de top van de hoogste heuvel van de stad. Oorspronkelijk was het een vestingkerk, wat je nog terug ziet in de kantelen. We moeten er voor waken niet kathedraal-moe te worden maar we zijn toch naar binnen gegaan. Van binnen veel goud wat er blinkt. Tegen de kathedraal aan ligt het gotische klooster van het Sé do Porto,  Ook hier zie je blauwwitte azulejos. Via een granieten trap kom je op een terras en hier zijn ook 2 muren met azulejos te vinden Op het plein voor de kerk staat een schandpaal (pelourinho) met een kroon erbovenop. Vanaf het plein heb je een geweldig uitzicht over de stad. Een bijzonder standbeeld van een paard met ruiter. Het is de adellijke heer Vímara Peres. Tenzij dat deze meneer wel heel erg lang had geleefd was het een beetje vreemd. Na uitleg ging het om het jaartal waarop de heer aan de macht was gekomen en het jaartal van de plaatsing van het standbeeld. De bus wil ons naar de wijk Ribiera brengen, waar alle porthuiskelders zijn. Maar komt in een gigantische verkeersinfarct vanwege een bus die pech heeft op de brug. We verlaten de bus en gaan te voet over de Ponte Luis I brug. De ijzeren loopbrug van een compagnon van Gustave Eiffel, Théophile Seyrig. Het uitzicht dat je dan over Porto hebt is wauw. Je ziet een stad met huizen in ontelbaar veel kleuren. Calem, een

porthuis aan de Douro en krijgen daar uitleg en een rondleiding over de port, die ongeveer 150 km. stroomopwaarts wordt bereid en in Porto verder rust in vaten omdat het klimaat hiervoor beter is in Porto om daarna te verschepen naar de rest van de wereld. O.a. Engeland. Ja want we hebben de port aan de Engelsen te danken.  We krijgen 2 glaasjes witte en rode port aangeboden wat de stemming positief beïnvloed. Hihi. Op weg naar de uitgang natuurlijk nog even door een winkeltje. We nemen de Calem port glaasjes en een paar flessen witte en rode port voor thuis. Hopen we. Daarna een hapje gegeten en op weg naar naar het paleis van Bolsa, het oude beursgebouw, waar de kamer van koophandel en het “wijnsyndicaat” zijn. Rond 1900 hebben de portbaronnen  uitbundig uitgepakt met prachtige ingelegde vloeren en een Arabisch geïnspireerde ontvangstzaal en feestruimte in imitatie Moorse stijl, die rechtstreeks uit 1001 nacht lijkt te komen. Er zijn een aantal zalen te bezoeken waaronder een zaal waar vroeger recht werd gesproken – een grote vergaderzaal – het kantoor van Gustav Eiffel die hier een tijdje heeft gewerkt. Al met al een prachtige dag met vele gezichten, zeker als we nog een uurtje kunnen wandelen langs de Douro, De ultieme bezienswaardigheid in Porto is eigenlijk de stad zelf. Wandelen door smalle steegjes langs de gekleurde gevels van de huisjes aan de kade. Het lijkt wel alsof de tijd hier heeft stilgestaan. Veel mensen amuseren zich bij een drankje en genieten van de muziek van de straatmuzikanten en acrobaten die hun kunstje doen.
Wat ons nog opviel in Porto waren de grote aantallen toeristen, al dan niet in groepen. Ja, daar horen we zelf ook bij. Zo veel straatmuzikanten dat je je afvraagt of zo nog wel een droge boterham kunnen verdienen. Laatste uren op Portugese bodem, morgen gaan we terug naar Spanje en gaat de klok een uur vooruit.

Zaterdag 9 juni, dag 32 Reisdag Camping Rio Alto-Camping Paxarinas/Portonovo
Met mooi weer, korte broek aan, vertrekken we rond 09.30 uur. We rijden de route volgens het routeboek. Een goede weg, al zijn er niet veel parkeerplaatsen. Voor de koffie stoppen we bij een tolpoortje. Het automatische tol dingetje doet het ook hier goed. Handig hoor !! Gewoon doorrijden en een piepje later is de boeking gedaan. Perfect. GEEN zorgen. Op de camping aangekomen regent het pijpenstelen. De mooiste plekjes staan vol en zijn bezet door vaste jaargasten die niet aanwezig zijn en hebben de mooiste plekken. Wij staan in de derde rij ver achter. Er is werkelijk geen vierkante cm meer over en je moet blij zijn als je je luifel uit kan draaien. Dus geen beste plek.  Met de groep doen we nog een natje en een droogje in een soort cafetaria annex kantine, koud en doen onze jas niet uit. We gaan vroeg op stok. Hopelijk is het weer morgen beter.

10 juni Hoog, woest  en prachtig in de regio Galicië
Een vrije dag. Een beetje later dan normaal ontwaakt de kudde en beweegt zich her en der over het kampeerterrein. We constateren met elkaar dat de heftige stortregens van gisteren en ook van de afgelopen nacht met onweer gelukkig voorbij zijn. Het is echt zo’n “we zijn er bijna dag”. We klagen niet, het is droog en dat is pure winst. We doen een praatje her en der. Een wasje in de machine en droger. Wat we niet wisten was dat Roos met een zus en nog iemand anders de pelgrimstocht  naar Santiago hebben gelopen vanuit Maastricht (nadat ze daarvoor al het Pieterpad  hadden gelopen), weliswaar verdeeld over een aantal jaren. Maar toch!!! Petje af en respect van ons. We zien verschillende deelnemers met de auto er op uit trekken. Gaan wij ook nog weg? Ja, toch. Eerst maar even in een klein winkeltje wat inkopen doen. We doen een leuke autotocht, langs strandjes en klein baaien.  Pontevedra was vroeger een belangrijke haven met veel scheepsbouw. Hier werd o.a de “Santa Maria” van Columbus gebouwd. De boulevard van Sanxenxo is zo´n echte Spaanse flaneerboulevard. Het wordt ook wel het Marbella van Noord Spanje genoemd. Je fantasie de vrije loop laten dan lukt dat wel. Op een van de vele terrassen strijken we neer. Gezellie. ’s Avonds genieten van een mooie zonsondergang. En voor je het beseft is ook een vrije dag zomaar voorbij.

11 juni De verovering van Santiago de Compostella
We hebben letterlijk de dagen afgeteld totdat we weer aan de beurt zijn om te pennen in dit verslag Vandaag moet het er dan van komen. De verovering van Santiago de Compostella.

“Vroeg uit de veren” Alle ballen verzamelen bij de Acsi paraplu. De bus staat al op ons te wachten bij een Mórreo (graanschuur), gebouwd op stenen pilaren om het graan te beschermen tegen vocht en ongedierte. De versieringen zoals kruizen zijn decoratief. Ze horen echt bij de Galicische architectuur. Een aantal van ons hebben dolfijnen, spelend in de zee, gespot. Om 08.15 uur vertrekken we met een temperatuur van 13 gr. maar het is wel droog. Dat is dan weer een pluspunt. Vertrouwend op de chauffeur “Jesus” zien we prachtige panorama’s, nevelige silhouetten in een weelderig maar weerbarstig heuvelland. Zelfs de ochtendzon piept er af en toe doorheen. Een boekje over de Camino van Roos doet de ronde. Onder de loep Santiago de Compostella, de hoofdstad van Galicië, een plaats waar jaarlijks miljoenen mensen uit de hele wereld naar toe komen en veel van hen nadat ze de tocht der tochten “De Camino” afgelegd hebben. Wij doen het wat op een simpeler manier: met bus en een rondleiding met gids Manuel, die opgepikt wordt  bij Peregrino. Lopend naar de  binnenstad komt Jan lelijk ten val over een losse tegel. Gelukkig staat hij snel weer op 2 benen. Manuel vertelt ons met een knipoog en een kwinkslag over de geschiedenis van zijn stad Santiago de Compostella. Manuel die in eerste instantie “Marie” heette spreekt goed Engels en is goed te volgen met de oortjes. Voor diegenen die een vertaal nodig hebben staat B paraat. O ja, en dan onze chauffeur Jesus spreekt vloeiend  Spaans, wij spreken vloeiend Nederlands, haha. En bref, in een nutshell, in een notendop of alguinos oraciones.

“Het graf van de apostel Jakobus of nog preciezer, het vermeende graf. Zouden hier echt de stoffelijke resten rusten van deze apostel, die in 44 werd terechtgesteld. Zou  zijn lichaam na zijn marteldood, door een engel naar Spanje geleid. En waarom duurde het nog bijna 8 eeuwen voordat het graf werd ontdekt, door de kluizenaar, die door sterrenlicht werd geleid. “Vragen in overvloed”. Gaat het hier om de ‘ware’ Het blijft steeds een evenwichtsoefening tussen geschiedenis en/of legende”.

De Jacobsschelp is het symbool van de Camino geworden, doordat vroeger deze schelpen, die te vinden zijn langs de Galicische kust door pelgrims mee naar huis werden genomen als bewijs dat de route voltooid is. We flaneren over Praza do Obrdoiro, het enorme plein met zijn mooie gebouwen en natuurlijk waarvoor we hier zijn  gekomen “de kathedraal” en eindelijk staan we oog in oog. Yeah we hebben het gehaald, het was een hele tocht, maar dan ben je blij dat je het gehaald hebt. Het is een bijzondere belevenis om de pelgrims daar aan te zien komen. Ondanks dat de kathedraal nog gedeeltelijk in de steigers staat is alles indrukwekkend. Dat geldt zeker ook voor de binnenkant waar het museum is met een aantal beroemde attributen en ruimtes te bewonderen zijn. Prachtige wandtapijten van Belgische hand. Ook de crypte waar de relikwieën van Jacobus en twee van zijn discipelen bevinden is zeer indrukwekkend. We nemen afscheid van Manuel en er is gelegenheid om de bedevaart mis bij te wonen. Het is erg druk met alle vromerikken, de stoet van wachtenden is lang. Jammer dat het toch wel een beetje commercieel is. Weinig respect door de Japanners en Koreanen die met hun mobieltje veel verstoren. Bijzonder is het zwaaien met de “Bota  fumeiros”, het grootste wierookvat ter wereld wat aan een touw en acht kerkdienaren in beweging wordt gebracht. Helaas vandaag niet. Een van de slingeraars is ziek. We slenteren nog wat door de kleine straatjes en kopen nog wat “Camino” hebbedingetjes. Het is tijd voor de Galicische gastronomie. Genoten van een voortreffelijke lunch met lokale wijn. Begonnen met tapas, gefrituurde aardappelballetjes en een soort kroketjes, daarna empanade (vispasteitje) en een tortilla patatas (aardappelomelet). Dat was nog niet alles Ibericoham op ambachtelijke wijze en een heerlijke biefstuk met patat en één stuk groente (gegrilde paprika) . Het dessert van het huis met flan, flensjes met ijs, taartje, kaas en fruit en koffie toe. Terug in de  bus iedereen moe en voldaan van alle indrukken. Toen werd het wel heel stil en de halve bus in een powernap. Morgen weer verder.