De Pyreneeën over en meer het is ons gelukt!

Klik op de foto’s en de afbeeldingen worden vergroot

Donderdag 10 mei  Vol verwachting beginnen we aan de reis over de Pyreneeën. Het eerste stuk nog wat wegwerkzaamheden. Geen probleem, het was nog niet zo druk en we kunnen vlot doorrijden. Een beetje pech hebben we met het weer. Koud is het. En mistig.  Een lome regen valt in luie druppels uit de lucht. Onze tocht voerde ons over een van de oudste doorgangen in de Pyreneeën. In een rustige cadans van bergje op en bergje af staan we pardoes in St.Jean Pied de Port. Door de mist en regen kunnen we niet echt genieten. Nog steeds aan de Franse kant. Deze plaats, iets voor de grens met Spanje gelegen is hét grote verzamelpunt voor Pelgrims op de Camino. In het plaatsje Arnéguy  400 meter hoog wordt rivier en grens, waar nog een oude grenspost staat, overgestoken. En dan verschijnen de bochten En dan houden de bochten niet meer op. Als er even een stukje rechte weg tussen zit staat daar wel weer een bord dat aankondigt dat er weer bochten aankomen. De eeuwenoude nederzetting in Roncesvalles Niet meer dan dertig inwoners telt dit gehucht. Het is niet meer dan een klooster en een oud hospitaal waar pelgrims kunnen overnachten. Maar al in de Middeleeuwen was het hospitaal van Roncesvalles het meest geroemde en befaamdste hospitaal van de hele Camino. Naast het klooster is een parkeerplaats, we durven het niet aan het is nogal een smalle toegang door een poortje. Vanuit de auto kan ik nog een foto maken van De Kapel van Sanctispiritus.  Ondanks het slechte weer wordt de route toch druk door de Pellegrino in regenponcho’s belopen! In de natte sneeuw thoffie en een bammetje op de Puerto de Ibañeta, 1057 m hoog. We komen deze keer de auto/caravan niet uit. We zitten in een gebied wat meertalig is. Een kleine uitleg Ronceval-Frans, Roncesvalles-Castiliaans sprekende Spanjaarden, De Basken zeggen Orreaga en dan hebben we nog Pampelune is de Franse naam van de hoofdstad van Navarra, Pamplona voor de Castiliaans sprekende Spanjaarden. De Basken zeggen Iruña of Iruñea. Rond half vier komen we aan op camping El Molino, Mendigorria. Ten zuiden van Pamplona. Mooi plekje en de boel opgezet. De camping kijkt uit op het dorpje wat op een heuvel ligt. Op de camping hoor je de kerkklok de tijd slaan. Aan de andere kant van de camping loopt een rivier. Paul pakt nog even de fiets naar het plaatsje, steile straatjes, kleine winkeltjes welgeteld 3 en natuurlijk een kerk. Verder is er niets. Om 18.00 u krijgen we een tapas en Sangria aangeboden en konden we doorgeven vlees of vis. Om 19.30 aan tafel voor het welkomstdiner en een gezellige afsluiting. hasta mañana.

Vrijdag 11 mei Pamplona.  Op goede voet met de stieren van de Sanfermines.
Na een koude nacht (tegen vriezen aan) met de bus naar Pamplona, waar het in de loop van de dag van 5 graden naar 26 graden ging! Onze Duitse gids Rose-Marie Klose stond ons al op te wachten. In Juli is het beroemde en beruchte San Fermin Festival waarbij elke dag zes stieren door een parcours van bijna 900 meter via de smalle straatjes worden losgelaten op een menigte waaghalzen om in de arena het loodje te leggen. Het moet toch wat zijn begin juli als hier duizenden toeristen vanuit de hele wereld –allemaal gekleed in wit met rood – de ‘estafeta’ bijwonen. In Nederland hebben we de Zwarte Piet discussie, in Spanje is San Fermin een nationaal twistpunt van traditie versus onnodig dierenleed. Maar genoeg over stieren en ander vee. Deze levendige, kleurrijke en tikkeltje rauwe stad  heeft nog veel meer te bieden. Te voet door het bruisende hart over promenades, pleinen, door parken en kerken en een doolhof van steegjes met karakteristieke vijf verdiepingen hoge oude huizen  Bezoeken de Iglesia de San Saturnino uit de 13e eeuw; een ratjetoe aan bouwstijlen. Bijzonder is dat de vloer helemaal van hout is en dat het een aaneenschakeling is van deksels van graven. Denk jij meteen aan tapas zodra je aan Spanje denkt? Vergeet dat beeld want hier draait alles om pinchos! De pincho is een typisch gerecht uit de regio’s Navarra en Baskenland. Vaak wordt dit kleine hapje vergeleken met tapas, maar pinchos zijn volgens de Spanjaarden groter en net iets verfijnder. Waar kun je nu beter een pincho eten dan in het beroemde Café Iruña, waar de schrijver Ernest Hemingway vele uren doorbracht met kletsen en drinken van cognac met vanille, zijn favoriete drankje. Hij schreef hier zijn beroemde roman ‘The Sun also Rises’  We hebben nog even tijd voor onszelf en wandelen naar de arena. Voor het wijntje in het zonnetje verkiezen we toch het terras van Café Iruña, wat aan een gezellig plein ligt. Ergens is Pamplona toch de oude, historische Spaanse stad waar “de Toros” achter jonge mannen aan rennen. Onze laatste uitstapje is naar Puenta la Reina. In de dertiende eeuw liet Doña Major, de Reina dus, een brug over de Rio Arga bouwen. De Puente la Reina. Om de pelgrims een nat pak te besparen. En zeker ook om zelf droog in de hemel te komen. Dat dorp, in een lieflijk dal gelegen kun je best even inlopen als je er toch langs komt. Typische Spaanse straatjes. De oude brug is sowieso de blikvanger Prachtig. Het gebied wordt van noord naar zuid en van oost naar west doorkruist door twee pelgrimsroutes. Ten zuiden van Pamplona komen in Puenta la Reina de pelgrimsroutes saampjes. De één vanuit Roncesvalles, de andere, de Somportroute, komt vanuit Arágon via Yesa, Navarra binnen. De N-III volgt vanuit Pamplona de oude bedevaartsweg in zuidwestelijke richting naar Santiago de Compostela.

Zaterdag 12 Mei Reisdag naar Segovia.
Op een 100 km voor het reisdoel belt de reisleiding met de mededeling dat de afslag naar de camping afgesloten is. “Neem de volgende afslag en voer de instructies voor het laatste deel in omgekeerde volgorde uit”. Dat laatste zal ongetwijfeld problemen opleveren en we besluiten de coördinaten in Garmintje te zetten en dan zal het wel goed komen. Het klopt. Iedereen komt zonder problemen aan, maar via verschillende aanrijroutes. Grote hilariteit bij het plaatsen van de kampeervoertuigen. De campingbaas  had goed zijn best gedaan om het ons zo moeilijk mogelijk te maken. Plekken smal en langwerpig. Paul zegt: Het lijkt wel een doodskist.

Zondag 13 Mei  Segovia, stad van geld en demonen.
Om 10.30 uur zitten we buiten aan de koffie met tompoes ter eren van Ladies Day! Niet aangenaam de temperatuur rond 8 graden. Logisch de camping El Acueducto ligt op 1.085 meter. Na de koffie met de bus naar Segovia. We vergapen ons aan het Romeinse aquaduct, uit het einde van de eerste eeuw ook wel El Puente genoemd. Het aquaduct is ongeveer 800 meter lang en heeft 118 bogen. Vanaf Plaza del Azoguejo heb je een prachtig uitzicht Nog mooier vinden we het uitzicht van bovenaf.

DEMONEN:
Hoewel niemand eraan twijfelt dat het bouwwerk door de Romeinen is opgetrokken, wil een legende dat de constructie is gebouwd door demonen in opdracht van de duivel. Een jonge dienstmeid moest elke dag water halen uit de rivier, wat een zware en vervelende opdracht was. Op een dag was ze zo moe dat ze flauw viel en haar taak niet kon volbrengen. Uit wanhoop riep ze de duivel te hulp. In ruil voor een oplossing mocht hij haar ziel hebben.  Die nacht zag ze duizenden demonen aan het werk. Ze schrok, kreeg spijt en bad dat haar verzoek ongedaan zou worden  gemaakt. Aan haar oproep werd gehoor gegeven want de zon was al op toen de laatste steen nog moest worden gelegd. Het dienstmeisje rende naar de kerk en biechtte alles op. De priester, overtuigd van een wonder, liet in het gat voor de laatste steunpilaar de beelden maken van de heilige maagd en de heilige Stefanus, de eerste martelaar van het christendom.
MAAIKE HOMAN, 07.01.2012 Dagblad Trouw

Bij aankomst vallen we met onze neus in de boter. We worden ontvangen met muziek en prachtige vrouwen in klederdracht, later blijkt dat het een processie naar Maria is waar bloemen worden gelegd. Ken jij Titirimundi, het internationale poppenfestival in Segovia dat sinds 1985 ieder jaar gehouden wordt in deze sprookjesstad. Ook wij genieten hiervan mee. We dwalen door de straten vol keien met veel toeristische winkeltjes naar boven. Alles is werelderfgoed en mooi onderhouden. Smullen op een bankje van een lokale lekkernij bij de bakker gekocht. We vergeten niet de enorme Santa Maria  kathedraal te bezoeken. Met zijn enorme omvang kun je er bijna niet omheen als je door de smalle straatjes van de oude binnenstad struint. En is hij van heinde en ver te zien. De Santa Maria kathedraal is overigens de laatste gotische kathedraal van Spanje en ligt midden in de voormalige Jodenwijk. Een terrasje doen op de imposante Plaza Mayor is een must als je toch daar bent. Ook naar de Alcazar gelopen waar we een prachtig uitzicht over de vallei en de stad hebben. Oorspronkelijk een fort en later omgebouwd tot kasteel en koninklijk paleis. Het origineel is in 1862 afgebrand en dit is dus een over the top replica. En wist je dat dit kasteel Walt Disney gebruikt als model voor het kasteel van Sneeuwwitje.

GELD:
Voordat Segovia zich bij de ‘textielsteden’ voegde, kwamen de inkomsten vooral uit geld. De ontdekkingen van Columbus brachten schepen vol goud en zilver naar Spanje. In de zestiende eeuw werd daarom de Casa de la Moneda opgezet, het huis van het geld. Hier werden munten geslagen, niet met de hand maar met machines. Heel modern voor die tijd

In de steden die we bezoeken kun je goed merken dat dit de weg is die pelgrims gaan naar Santiago. Je ziet mensen lopen met een volle rugzak en de Jakobsschelp achterop. Beneden bij het aquaduct besluiten we deze dag met een hapje en een drankje, lopen terug naar de bushalte en zijn binnen 30 minuten weer “thuis” Segovia is de moeite waard.

 

 

 

Dinsdag en Woensdag 15 -16 mei
Als je Spanje nog een keer wilt zien, zoals het ooit was.
We zijn beland op Camping Monfragüe; Malpartida de Plasencia. Vandaag gaan we een bezoek brengen aan het NP Monfragüe een paradijs voor vogelaars midden in de Extremadura. Vanwege de grootte van de groep worden we verdeeld in een ochtend en een middaggroep. Wij zijn ingedeeld in de middaggroep, dus eerst een beetje uitslapen. Op de camping in de ochtend koffie en broodjes. Paul verkent de omgeving. Het is heerlijk weer, lekker in het zonnetje voor de caravan. Rond half vijf mogen we eindelijk los. We hebben twee Engelstalige gidsen die terwijl we door een bergachtig gebied richting park rijden, ons haar fijn alles uitleggen. De gids vertelt over de geschiedenis van het gebied. Wat ons opvalt zijn de enorme  Eucalyptus velden. Die zijn hier in de tijd van Franco geplant om in deze regio een papierindustrie te vestigen. Daardoor is een deel van de natuurlijke begroeiing, kurk- en steeneiken verdwenen tot dat men besluit om alles terug de draaien en langzaam komt de originele plantengroei terug. Duur Foutje, Bedankt. Op een aantal locaties wordt door de gidsen een aantal

sterke kijkers opgesteld om de roofvolgels te kunnen observeren. De gidsen hebben een techniek om met een telefooncamera door deze lenzen de vogels te fotograferen wat prachtige beelden oplevert. We genieten van de natuur, de vogels. Nu hebben we niet zoveel verstand van vogels maar we kunnen nog wel een roofvogel van een duif onderscheiden en aan de spanwijdte te zien zitten hier veel roofvogels!!. Met behulp van de gidsen spotten we de vale gier, de zwarte ooievaar, een blauwe rots lijster, de zwarte gier, de aasgier en de monniksgier. Twee deelnemers hebben last van wat borrelende en rommelende darmen dus wordt er een stopje ingelast in het dorpje Villarreal de San Carlos. Nou ja, dorpje, er is maar één straatje met een aantal huisjes waarvan de meeste in dienst van het infocentrum van het park zijn met een barretje voor de dorstige mens. We passeren weiden waar de stieren voor de gevechten gefokt worden. Stoppen in een krukeikenbos. Krijgen uitleg over het oogsten van de kurk (elke 10 jaar). We sluiten de excursie af met een picknick in de vrije natuur met meegebrachte streekproducten Diverse soorten worst, kaas, brood en uiteraard een glaasje lokale wijn. Erg smakelijk. Terug op de camping en kunnen nagenieten van deze prachtige dag. Morgen bezoeken we het bezoekerscentrum naast de camping. Vrije dag staat er in het programma. Welke dag voelt als een vrije dag. De wind waait, de zon schijnt volop. Huishoudelijke klussen uitvoeren en daarna is er tijd voor koffie. In de middag rijden we naar een prachtige tentoonstellingsruimte waar veel video’s draaien over het natuurgebied. Het is tot stand gekomen met geld uit Europa, we genieten er van. Het gebouw zelf is geïntegreerd in de omliggende

weide. Naast alle info over het gebied, met o.a. een film en een donkere gang met allerlei voel en kijk dingen om het spannend te maken. Vanavond is er routebespreking en een paella maaltijd aangeboden door de camping. Morgen rijden we naar Portugal, het land van de Port, Pastel de Nata en Azulejos en niet vergeten Hendrik de zeevaarder en gaat de klok een uur terug.